Daar zitten we dan. Tegenover elkaar. De client en ik.
Zij praat, ik luister.
Een veilige setting voor beide. Want we zijn immers gewend om over problemen te praten. Het is vertrouwd. Maar praten over het probleem heeft deze cliënt eerder nog niet voldoende geholpen, anders was ze nu niet bij een ervaringsgerichte therapeut gekomen. Ze kan haar problemen cognitief wel begrijpen maar het lukt niet om door het patroon heen te bewegen… Dus nu zit ze hier..
‘shit, hoe krijg ik haar in beweging?’
Het is niet makkelijk om mensen over de drempel te krijgen. Om van de veilige stoel waarop je samen aan het praten bent op te staan. Om te gaan bewegen, spelen en buiten hun comfortzone te gaan.
Vaak vraagt dat van mij als therapeut dat ik meebeweeg, en het liefst een tandje meer zodat de cliënt een veiligere 1e stap kan zetten. Maar ook ik moet me soms over die drempel brengen. Want ik moet iets tegendraads doen, iets wat mensen minder gewend zijn bij het aanpakken van hun psychische problemen. Soms denk ik ‘waarom was ik niet gewoon psycholoog geworden? Dan kan ik blijven zitten en word ik veel meer erkent in het werkveld als behandelaar’.
Maar ik doe het, ik nodig de cliënt uit op de speelvloer. Ik nodig haar uit met mijn hand wijzend naar de vloer en ik sta op. ik denk ‘aaah’ maar ik doe het, omdat ik weet wat het effect kan zijn van doen. Ook al zijn je gedachten overtuigd van iets, dat wil niet zeggen dat je met je lichaam hier niet doorheen kunt bewegen. – Een leuk weetje tussendoor, ik sport bijna dagelijks rond 5:30u in de ochtend. En om mezelf uit bed te krijgen terwijl mijn hoofd zegt ‘ik wil niet opstaan, ik ben toch echt te moe’ – wetende dat ik voldoende geslapen heb- , kan ik toch mijn lichaam in een rol beweging zetten en uit bed rollen. Ik kan zelfs mijn sportkleding aantrekken terwijl mijn hoofd denkt ‘ik kan het niet’ , naar de sportschool rijden terwijl ik denk ‘geen zin, ik heb gewoon geen zin’.. Om dan vervolgens op de loopband te staan en te denken ‘wow ik ben blij dat ik gegaan ben, dit is lekker’. Je bent niet wat je denkt, je bent veel meer!
Humor helpt mij om het ijs in zulke momenten te breken. Los te komen van het zitten. Ik zie dat dit bij de cliënt ook vaak wat geruststelling geeft. Dit kan al door uit te spreken dat wat we gaan doen ongemakkelijk er raar mag zijn (en hierbij maak ik dan vaak wat overdreven bewegingen). Misschien ontstaat er wel plaatsvervangende schaamte, maar ook dat zou dan een interessant onderwerp in de therapiekamer zijn… maar ik dwaal af …
We staan dus op de speelvloer…
En dan vraag ik de cliënt om een beeld neer te zetten in een standbeeld wat haar gevoel uitdrukt – don’t tell but show- Moreno. Nu denk je misschien ‘wat een blije oefening’ maar er zit veel interessants in. Lukt het de cliënt om in beweging te komen? Zit er een blokkade? ( zo ja, waar in het lijf… en daar ga ik dan op door), durft de cliënt ruimte te nemen?, oogcontact te maken?, haar/ zijn/ hen lichaam te gebruiken?, is de beweging groot of klein?, komt er weerstand naar voren? zo ja, is deze weerstand herkenbaar? en mag dat er dan even zijn?
Kortom heb je veel mogelijkheden om van hieruit, om vanuit 1 beeld, verder te gaan in de therapie.
En het interessante is dat de cliënt vaak een emotie ervaart of erdoor overvallen wordt- in bepaalde houdingen of bewegingen- die cognitief nog niet in woorden uit te drukken zijn.
En dan ben ik blij ..
blij dat ik over de drempel ben gegaan, over de drempel om naar het bewegen in de therapie te gaan. Ook al lijkt het voor een buitenstaander als iets gewoons, ik merk als dramatherapeut dat het me soms, juist omdat het niet ‘standaard’ is, soms toch nog wat extra’s kost om een tegenbeweging te maken. De beweging naar het gaan doen, het gaan ervaren.
Het is een beweging tégen het gewone in, en eigenlijk is dat an sich al een interessante beweging in de therapiekamer. In het ervaren daar zit de kracht van dramatherapie!
Groetjes, Liselotte
